« Terug naar zoekresultaten

Bijlage 11: begrippenlijst

A
Atheneum
Zesjarige opleiding voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo) zonder de klassieke talen Grieks en Latijn (voor 12 – 18 jarigen.
B  
Basisberoepsgerichte leerweg
Leerweg binnen het vmbo met de meeste praktijkelementen. Hierna kunnen leerlingen doorstromen naar mbo-opleidingen op niveau 2.
Bureau OMO (of OMO-bureau)
Het gemeenschappelijke dienstverlenende orgaan van Ons Middelbaar Onderwijs, gehuisvest in Tilburg.

B-/K-leerwegen
Basisberoepsgerichte en Kaderberoepsgerichte leerwegen in het vmbo.
Bovenbouw
De bovenbouw is de algemene benaming voor het derde en vierde leerjaar van het vmbo, de vierde en vijfde klassen van de havo, en de vierde, vijfde en zesde klassen van het vwo.
Brinnummer
Het Ministerie heeft aan alle onderwijsinstellingen een Brin-nummer toegekend (Brin: basisregistratie instellingen).
C
 
Cambridge certificate
Internationaal erkend Engels examen.
Collectief schoolleiders overleg (CSO)
Vergadering bestaande uit alle (interim) OMO schoolleiders en de raad van bestuur. Het CSO vindt circa 7 keer per jaar plaats.
Current ratio
Kengetal dat aangeeft in hoeverre een organisatie in staat is aan de korte termijn verplichtingen te kunnen voldoen. Wordt berekend door het totaal van de korte termijn vorderingen, beleggingen en de liquide middelen te delen door alle korte termijn verplichtingen.
Curriculum
Het geheel van cursussen/programma’s en de inhoud ervan, die leerlingen op hun school krijgen aangeboden.
D
 
DELF
Een internationaal erkend diploma over de mate van Franse taalbeheersing, dat wordt uitgereikt door de Franse overheid (DELF: Diplôme d'études en langue française).
Doorstroom

De weg die leerlingen tijdens hun schoolcarrière binnen een school afleggen.
E
 
Eigen vermogen
Voor te stellen als het bedrag dat resteert wanneer alle bezittingen worden verkocht en alle schulden afgelost.

Enkelvoudige jaarrekening
In de enkelvoudige jaarrekening zijn alleen de financiële gegevens van de vereniging Ons Middelbaar Onderwijs opgenomen, zonder de financiële gegevens van verbonden partijen.
F  
Full time equivalent (fte)
De omvang van een dienstverband. Ook wel werktijdfactor genoemd. Eén fte staat voor een volledig (full-time) dienstverband. 
Functiemix
De verdeling van leraren (in voltijdbanen, fte’s) over de verschillende salarisschalen (LB, LC, LD en LE).
G
 
Geconsolideerde jaarrekening
In de geconsolideerd jaarrekening zijn, naast de financiële gegevens van de vereniging Ons Middelbaar Onderwijs, tevens de financiële gegevens van verbonden partijen opgenomen.
Gemengde leerweg
Leerweg binnen het vmbo met een combinatie tussen theorie en praktijk. Bereidt leerlingen voor op mbo-opleidingen op niveau 3 en 4.
Goethe certificaat
 Internationaal erkend Duits examen.
Gymnasium

Zesjarige opleiding voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo) met de klassieke talen Grieks en Latijn (voor 12 – 18 jarigen).
H
 
havo
Hoger algemeen voortgezet onderwijs, het op één na hoogste niveau binnen het voortgezet onderwijs. Opleiding duurt vijf jaar. Het is algemeen vormend (theoretisch) en geen beroepsopleiding; het havodiploma is een startkwalificatie en is vooral bedoeld als voorbereiding op het hbo (hoger beroepsonderwijs)
I
 
Instroom

Het geheel van het aantal personen dat een nieuwe opleiding begint en daarom wordt geteld.
J
 
K
 
Kaderberoepsgerichte leerweg
Leerweg binnen het vmbo voor praktisch ingestelde leerlingen. Bereidt leerlingen voor op mbo-opleidingen op niveau 3 en 4.
Kapitalisatiefactor
Kengetal dat laat zien of een instelling te veel kapitaal aanhoudt voor zijn activiteiten. De kapitalisatiefactor wordt berekend door van het balanstotaal van een instelling de bedragen voor gebouwen en terreinen af te trekken en het dan overblijvende bedrag te delen door het totaal van de jaarlijkse baten.
L
 
Leerweg ondersteunend onderwijs
Onderwijs in de leerwegen van het vmbo met extra zorg en begeleiding.
LOOT-school
Landelijk overleg onderwijs en topsport-school. Een school voor voortgezet onderwijs die toptalenten in sport ondersteunt om hun schoolcarrière met hun topsport te combineren.
Lyceum
School voor voortgezet onderwijs waar voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo) en hoger algemeen voortgezet onderwijs (havo) gevolgd kan worden (voor 12- tot 18-jarigen)
M
 
mavo
Middelbaar algemeen voortgezet onderwijs. Ook wel de theoretische leerweg van het vmbo of vmbo-t genoemd. 
N
 
O
 
Onderbouw
De onderbouw is de algemene benaming voor het eerste en tweede leerjaar van het vmbo, de eerste, de tweede en derde klassen van de havo, en de eerste, tweede en derde klassen van het vwo.
Onderwijsondersteunend personeel
 Personeel niet behorend tot de functiecategorieën directie en onderwijzend personeel; voorbeelden administratief medewerker, conciërge, onderwijsassistent, technisch assistent etc.
P
 
Praktijkonderwijs
Verzorgt onderwijs voor jongeren in de leeftijd van 12 tot 20 jaar die op grond van hun capaciteiten niet in staat zijn om een diploma van het vmbo te behalen. Een leerling kan worden toegelaten op grond van een beschikking van een regionale Verwijzingscommissie (RVC). Het praktijkonderwijs heeft als doel leerlingen voor te bereiden op een zo zelfstandig mogelijk functioneren in de samenleving.
Q
 
R
 
Rentabiliteit
De verhouding tussen het resultaat en de totale baten.
S
 
Solvabiliteit

Verhouding tussen het eigen vermogen en vreemd vermogen op de balans.
Startkwalificatie
Het in de ogen van de Nederlandse overheid minimale onderwijsniveau dat nodig is om kans te maken op duurzaam geschoold werk in Nederland.
T
 
Technasium
Onderwijsstroom voor havo en vwo, waarin de bėta-vakken centraal staan.
Theoretische leerweg
Leerweg binnen het vmbo voor theoretisch ingestelde leerlingen. Bereidt leerlingen voor op mbo-opleidingen op niveau 3 en 4.
Tweetalig onderwijs
Tweetalig onderwijs (tto) houdt in dat bij niet talenvakken, als bijvoorbeeld geschiedenis en biologie, een andere taal dan de moedertaal als instructie- en communicatietaal wordt gebruikt.
U
 
Uitstroom
Het geheel van het aantal personen dat op een bepaald tijdstip een bepaalde fase van onderwijs verlaat, al of niet met een diploma.
Universumschool
Een universumschool onderscheidt zich van andere scholen doordat het extra aandacht geeft aan het bèta-onderwijs.
V
 
vmbo
Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. Is ontstaan uit de samenvoeging van vbo en mavo en sommige vormen van voortgezet speciaal onderwijs. Bestaat uit 4 leerwegen: theoretisch, gemengd, kaderberoepsgericht en basisberoepsgericht.
vmbo intersectoraal
vmbo intersectoraal betreft die beroepsgerichte programma’s, waarbij in het niet-doorstroom relevante deel van het programma van de vier leerwegen onderdelen van de sectoren Techniek, Zorg en Welzijn en Economie in samenhang worden aangeboden.
Voortgezet onderwijs
Onderwijs dat volgt op basisonderwijs. Bestaat uit het praktijkonderwijs, vmbo, havo en vwo.

Voorziening
Boekhoudkundig een grootboekrekening waarop meestal periodiek bedragen worden gestort met als oogmerk het saldo op enig moment in de toekomst aan te wenden voor het doel waar de voorziening oorspronkelijk voor gevormd werd. 
vwo
Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, bestaande uit atheneum en gymnasium.
W
 
Weerstandsvermogen
Het vermogen om tegenvallers te kunnen opvangen; het eigen ermogen in verhouding tot de totale baten (inclusief rentebaten).
X
 
Y
 
Z
 

pagina opties