« Terug naar zoekresultaten

Balans: kortlopende schulden

 

N.B. Alle genoemde bedragen in de tabellen van deze jaarrekening zijn x 1.000 euro 

Kredietinstellingen

Ten behoeve van de voorfinanciering van grootschalige nieuwbouwprojecten binnen gemeenten waar sprake is van doordecentralisatie heeft de raad van bestuur per 20 april 2005 een overeenkomst gesloten met de huisbankier, Rabobank Tilburg en omstreken, voor een kredietfaciliteit van in eerste instantie maximaal 104 miljoen euro.

Vanwege de kredietcrisis is met de Rabobank in het voorjaar van 2009 overeengekomen dat de opname in 2009 (“roodstand” op de lopende rekening) een bedrag van 32,7 miljoen euro niet zal overstijgen. Dit bedrag was eind 2011 tijdelijk verhoogd tot 75 miljoen euro. Aan het einde van 2011 was sprake van een negatieve rekeningcourant positie van 49,8 miljoen euro. De rentebasis van deze kredietfaciliteit is gebaseerd op het Euribor-tarief, en daarmee gekoppeld aan de geldmarkt. Op deze basis is een opslag van toepassing. Het Euribor-1-maand tarief per ultimo 2011 bedroeg overigens 1,205% (jaarbasis).

Met ingang van maart 2012 is Ons Middelbaar Onderwijs overgegaan op het systeem van schatkistbankieren bij het ministerie van Financiën. De kredietfaciliteit bij de Rabobank is als gevolg hiervan beëindigd. Bij het schatkistbankieren staat het geld, van in ieder geval de hoofdrekening, op een eigen rekening-courant bij het ministerie van Financiën. Het dagelijkse betalingsverkeer blijft bij de Rabobank. Dagelijks vindt er een volledige egalisatie plaats tussen de hoofdbetaalrekening en de rekening courant bij het ministerie van Financiën. Hierdoor is er nooit sprake van een renteverrekening tussen OMO en de Rabobank. Saldo van individuele betaalrekeningen blijven herleidbaar. Rood staan bij het ministerie van Financiën is geoorloofd tot maximaal 10% van de publieke jaaromzet (444 miljoen euro) van de vereniging Ons Middelbaar Onderwijs.

Overlopende passiva

De overlopende passiva bestaan grotendeels uit enerzijds in het huidige kalenderjaar aangegane verplichtingen waarvan de betaling in kalenderjaar 2012 zal plaatsvinden en anderzijds uit baten die in kalenderjaar 2012 zijn verantwoord, waarvan de vordering in 2011 is verantwoord. Het betreft hier bijvoorbeeld ouderbijdragen en huuropbrengsten van boeken.

Voor een verdere toelichting op de vooruit ontvangen geoormerkte subsidies OCW wordt verwezen naar bijlage 1.

pagina opties